Dit onderdeel wordt maandelijks aangevuld bij het verschijnen van het nieuwe NTvDV-nummer.
Indien je een specifiek artikel zoekt dat niet online beschikbaar is, kan je contact opnemen met secretariaat@nvdv.nl.
- Kennisagenda
- NTvDV
- Zoek een artikel
- Actuele projecten
Zoek een artikel
Dermatoscopie
Artikel in PDF Antwoorden Centraal is een homogeen wit, structuurloos gebied zichtbaar (blauwe pijl). In…
Liposuctie onder tumescente lokale anesthesie bij lipoedeem
A. Navadeh
Hoewel de conservatieve behandelingen (ambulante compressietherapie, lymfdrainage, fysiotherapie) de klachten van lipoedeem relatief verminderen, neemt de vetophoping er niet door af. Ondanks deze therapieën ontwikkelt het ziektebeeld zich in de loop der jaren en de symptomen verergeren voortdurend. Dieet, sport en diuretica zijn niet of nauwelijks van invloed op de klachten van deze patiënten. [2] Liposuctie onder tumescente lokale anesthesie is een veilige en effectieve behandeling bij lipoedeem. Deze therapie zorgt voor het afnemen van de symptomen van deze aandoening en het verbeteren van de kwaliteit van leven van deze patiënten. Liposuctie onder tumescente lokale anesthesie is zelfs genoemd als ‘de voorkeursbehandeling’ bij lipoedeem. [13]
Toevalsbevinding
E.B.M. Kroft, E.J.E. Eijken, B.W. Schot, R.J. Lieverse
Een 57-jarige man presenteerde zich met een geïrriteerde verruca seborrhoica op zijn linkerslaap. Bij inspectie van de gehele huid zagen wij een solitaire ovale, roze elastische scherp afgrensbare nodus van 2,5-1,3 cm in zijn rechterlies. Histopathologisch onderzoek liet amyloïdose in de gehele dermis zien, type AL. Een primaire systemische amyloïdose werd uitgesloten. Diagnose: primaire cutane nodulaire amyloïdose. De laesie werd in toto geëxcideerd. Follow-up werd geadviseerd in verband met de kans op systemische amyloïdose.
Zorg voor kind geboren met giant congenitale melanocytaire naevus
E. Burkink, L.E.M. de Wijs, S.G.M.A. Pasmans, I.F. Nagtzaam
Wij beschrijven een pasgeborene met een giant congenitale melanocytaire naevus (GCMN). GCMN hebben een diameter van ten minste 40 centimeter op volwassen leeftijd, kunnen een zeer heterogeen fenotype vertonen en worden geassocieerd met maligne melanoom (MM) en neurocutane melanose (NCM). Door middel van het opstellen van classificatie en een risicoprofiel, volgens de nieuwe richtlijn Congenitale melanocytaire naevi kan aan ouders een plan van aanpak worden geadviseerd wat betreft diagnostiek, behandeling en follow-up.
Eczema pruriginosum atopicum, B Jagtma
B.A. Jagtman
Artikel in PDF Govert Godefridus Jagtman verdedigde op woensdag 31 oktober 1951 in Leiden zijn…
Acne, bloeiend als klaprozen
F. Meulenberg
Artikel in PDF “Je huid glimlacht”, zegt lerares Stella Petersen tegen haar leerling Christiaan in…
In memoriam - Wim Bos (19-31-2018)
R. Blanken, F. Keukens
Artikel in PDF Wim Bos studeerde in Groningen, eerst een jaar economie, maar na een…
Dermatoscopie
W.A. Christoffers, H.M. Bosker, B. Horvath
Artikel in PDF Een 41-jarige vrouw werd verwezen met pijnlijke, progressieve ulceratie aan armen en…
Peter Arnold
Artikel in PDF Waar heeft u uw opleiding genoten? Zowel geneeskunde (1981-1990), promotie (1994) als…
Richtlijn plaveiselcelcarcinoom van de huid 2018 (Samenvatting)
M.F. Hofhuis, L. Teligui, G.A.M. Krekels
Artikel in PDF De oorspronkelijke multidisciplinaire Richtlijn plaveiselcelcarcinoom van de huid dateert uit 2010 en…
De Commissie Dermatologische Professionaliteit op cursus
A. Glastra, H.A.M. Neumann
Artikel in PDF Zowel tijdens de ALV van 30 juni als op 1 december 2017…
Standpunt certolizumab
Domeingroep Inflammatoire dermatosen
ARTIKEL IN PDF Domeingroep Inflammatoire dermatosen De domeingroep inflammatoire dermatosen van de Nederlandse Vereniging voor…
Nieuw & Oud
W. Peter Arnold
Artikel in PDF Voor u ligt het eerste exemplaar van het Nederlands Tijdschrift voor Dermatologie…
Beeldvorming bij huidkanker
F. Koekelkoren, A. van der Veldt, L. Graven, A. van der Lugt, M. Wakkee
De dermatoloog is vaak als eerste verantwoordelijk voor het diagnostische traject bij de nog steeds groeiende populatie huidkankerpatiënten. Zeker bij patiënten met lokaal agressieve of hoogrisicotumoren kan beeldvorming van aanvullende waarde zijn ter stadiëring, of voor vroege detectie van tumorprogressie en zo ondersteuning bieden in het bepalen van het optimale beleid. In dit artikel beschrijven we de controversen rondom beeldvorming bij huidkanker en bieden we handvatten wanneer welke beeldvorming passend is ter beoordeling van lokale invasie, locoregionale metastasen en metastasen op afstand. Desondanks blijkt, met uitzondering van het gemetastaseerd melanoom, de literatuur op het gebied van radiologische beeldvorming bij huidkanker vaak beperkt en gebaseerd op onderzoek bij andere, niet-cutane hoofdhalstumoren of kleine retrospectieve caseseries. Het lijkt dus zinnig beeldvorming bij huidkanker te erkennen als een belangrijk kennishiaat binnen de dermatologie.
De histopathologie van panniculitis
J. Damman
Panniculitis kan worden gedefinieerd als een heterogene groep van ziekten gekenmerkt door inflammatie van het subcutane vet. Clinicopathologisch correlaat is essentieel voor het stellen van een specifieke diagnose omdat het klinisch beeld zeer homogeen is en zich voornamelijk presenteert als erythemateuze nodi op de onderste extremiteiten. Van oudsher wordt de histopathologie van panniculitis beschouwd als één van de moeilijkste onderwerpen binnen de dermatopathologie. Dit kan voornamelijk verklaard worden door inadequate sampling. Een diep incisiebiopt door het subcutane vet en idealiter genomen van een vroege laesie is het meest optimale biopt voor histopathologische analyse. Daarnaast is ook kennis van de pathogenese van de verschillende panniculitiden en een stapsgewijze benadering van het histologisch preparaat essentieel voor het stellen van een specifieke diagnose. De stapsgewijze benadering omvat: het vaststellen of het (1) een primaire ontsteking van de dermis of van het subcutane vet betreft, (2) een voornamelijk lobulaire of voornamelijk septale panniculitis betreft, (3) of er sprake is van vasculitis, (4) wat het dominante celtype is van het ontstekingsinfiltraat en (5) of er additionele histologische aanwijzingen aanwezig zijn. Het prototype van een voornamelijk septale panniculitis zonder vasculitis is erythema nodosum, van een voornamelijk septale panniculitis met vasculitis is polyarteritis nodosa, van een voornamelijk lobulaire panniculitis zonder vasculitis is lupus panniculitis en van een voornamelijk lobulaire panniculitis met vasculitis is erythema induratum/nodulaire vasculitis.
Zalfje, een must-have voor ouders en kinderen met eczeem
M. de Weijer
Artikel in PDF Het boek Zalfje gaat over Bram en Bram heeft jeuk. Dat komt…
Een sprong in het diepe veneuze systeem
W. Malskat, M.J. van Rijn, A. Moelker, C. van Montfrans
Aan de hand van drie praktijkvoorbeelden laten we zien wat de meerwaarde is van het abdominale duplexonderzoek van de buikvenen bij de flebologische patiënt. Daarbij hebben wij vier boodschappen geformuleerd. Een duplex van de buik is geïndiceerd bij: 1. Een verdenking op een flegmasia cerulea dolens. Door de snelle uitvoerbaarheid kan er direct een behandelplan worden geformuleerd. 2. Uitgebreide varices op jonge leeftijd. Bij centrale pathologie van het diepe veneuze systeem kan het oppervlakkige systeem de functie van een collaterale circulatie hebben en dient dat juist niet behandeld te worden. 3. Een ulcus cruris venosum op jonge leeftijd. Het behandelplan dient rekening te houden met de aan- of afwezigheid van pathologie van het diepe veneuze systeem
van de buik. 4. Een palmavene. Deze collaterale vene tussen linker- en rechterlies, die over het os pubis verloopt is pathognomonisch voor diep veneuze pathologie in de buik. Het abdominale duplexonderzoek verricht door een daarvoor opgeleide dermatoloog of vaatchirurg leidt tot een goede correlatie tussen het klinische beeld, de duplexbevindingen en een behandeladvies ‘a la carte’ voor de patiënt.
Ramanspectroscopie Stappen richting de dermatologische diagnostiek
G. Puppels, P. Caspers, T. Bakker Schut, A. Nouwen, F. Weesie, R. van den Bos, S. Pasmans, T. Nijsten
Ramanspectroscopie is een van de optische technieken, die stap voor stap dichterbij daadwerkelijke toepassing in de dermatologische diagnostiek komen. In dit artikel worden kort de recente vorderingen op het gebied van atopische dermatitis en de mohschirurgie besproken, alsook een nieuwe ontwikkeling: kwantitatieve bepaling van de penetratie van stoffen door de huid.
Multidisciplinaire aanpak van vulvaire problematiek
I.M. Hendriks, M.J. Ten Kate-Booij, E.M. Roes, C.L.M. Van Hees
Patiënten met vulvaire klachten kunnen worden verwezen naar een gynaecoloog of dermatoloog. Vulvaire problematiek kan door beide specialisten behandeld worden, maar wordt vaak eenzijdig benaderd. Een eenzijdige aanpak van deze problematiek leidt in sommige gevallen tot het stellen
van een verkeerde diagnose of het starten van de verkeerde behandeling. Dermatologische expertise van huid en slijmvliezen, en gynaecologische expertise op het gebied van de bekkenbodem, de vagina(wand) en incontinentieproblematiek, vullen elkaar aan. Met de komst van een gezamenlijke
vulvapoli is de zorg voor deze patiënten verbeterd. Soms zijn ook andere disciplines betrokken zoals een bekkenbodemfysiotherapeut of uroloog. Naast het medische aspect mag ook het seksuologische aspect niet onderbelicht blijven. Bij seksuele klachten kan worden overwogen patiënt te verwijzen naar een daarvoor gecertificeerde seksuoloog (seksuoloog NVVS).
Multidisciplinaire huidkankerzorg
R.R. van den Bos, R. Waalboer-Spuij, M. Wakkee
In het Erasmus MC is een toename van multidisciplinaire zorg voor huidkankerpatiënten met als doel de zorg voor deze patiënten te optimaliseren. De verschillende vormen van multidisciplinaire zorg voor huidkankerpatiënten worden in dit artikel besproken. Ten eerste het multidisciplinair overleg huidkanker, dat een positief effect moet hebben op de kwaliteit van de geleverde zorg aan complexe huidkankerpatiënten. Daarnaast zijn er twee gezamenlijke spreekuren, namelijk het spreekuur met de dermatoloog en de plastisch chirurg en het spreekuur met de dermatoloog en de hoofd-halschirurg. Er is tevens een vast team bestaande uit een dermatoloog en een oogarts die samen perioculaire mohsoperaties uitvoeren.