Dit onderdeel wordt maandelijks aangevuld bij het verschijnen van het nieuwe NTvDV-nummer.
Indien je een specifiek artikel zoekt dat niet online beschikbaar is, kan je contact opnemen met secretariaat@nvdv.nl.
- Kennisagenda
- NTvDV
- Zoek een artikel
- Actuele projecten
Zoek een artikel
Secukinumab als experimentele behandeling voor morbus Sjögren met SLE-achtige huidafwijkingen
Q. Yin, K.V. Kwee, M. Tjioe
Artikel in PDF Secukinumab wordt steeds vaker toegepast in de dermatologische en reumatologische praktijk voor…
Sedatie-anesthesie bij de chirurgische behandeling van hidradenitis suppurativa
W. Pörtzgen, P. Kooijman, A.M.G. Langewouters, R. H. Houwing
Artikel in PDF De lokale infiltratie anesthesie bij chirurgische behandelingen van hidradenitis suppurativa is zeer…
Vliegende fakirs
R.C. Beljaards
Artikel in PDF Dankzij snel toenemende inzichten in de immunologie en de daaraan gerelateerde klinische…
‘Koninklijke’ dermatologen
M.B. Visch
Artikel in PDF Op vrijdag 8 april 2022 reikt mr. Arthur van Dijk, commissaris van…
Academic pharma in Leiden
T. van Gelder
Artikel in PDF Innovatief biomedisch onderzoek vanuit de academie heeft de basis gevormd voor veel…
Dermatologische bijwerkingen van immuuntherapie
Y.S. Elshot
Op het moment zijn er drie imuuncheckpoint inhibitors (ICI) beschikbaar, namelijk anti-CTLA-4, anti-PD-L en anti-PD-L1. Tijdens behandeling met ICI krijgt een groot deel van de patiënten te maken met immuun-gerelateerde adverse events (irAEs). De meeste irAEs zijn dermatologisch van aard
met een incidentie rond de 25%. De meest voorkomende dermatologische irAEs zijn pruritus, maculopapuleus exantheem en melanoom-geassocieerde vitiligo. Hiernaast zijn er nog een aantal anti-PD-1 specifieke dermatosen zoals lichenoide, psoriasiforme en bulleuze erupties. Ondanks dat
de exacte mechanismen nog niet zijn opgehelderd, wordt er vanuit gegaan dat er verschillende immunologische mechanismen verantwoordelijk zijn voor de klinische presentaties. Voor de classificaties van de irAEs wordt vaak gebruikt gemaakt van de ‘Common Terminology Criteria for Adverse Events’. Aan de hand van dit gradatiesysteem zijn er behandelrichtlijnen opgesteld waar een andere werkwijze gehanteerd wordt die we in de huidige praktijk gewend zijn.
Diagnostiek bij neonatale erythrodermie
E. Cuperus, S.G.M.A. Pasmans, ERN-SKIN
Neonatale erythrodermie omvat een heterogene groep patiënten, die een multidisciplinaire aanpak verdient. Meest voorkomend zijn de congenitale ichthyoses en immuundeficiënties, naast de infecties, metabole ziekten en geneesmiddelenreacties. Complicaties moeten worden voorkómen, maar kunnen ook onderdeel zijn van de onderliggende diagnose. Specifieke elementen uit de anamnese, lichamelijk onderzoek en het aanvullend onderzoek kunnen helderheid en sturing geven in de differentiaal diagnose. Een diagnostisch 6-stappenplan is voorgesteld.
Het belang van genetische diagnostiek voor therapie en prognose van genodermatosen
M.C. Bolling
Artikel in PDF Introductie Genodermatosen zijn monogenetische, primair in de huid en/of adnexen tot uiting…
Juridische vragen en antwoorden
A.C. Hendriks
Artikel in PDF Het handelen van dermatologen roept juridische vragen op. Zo hebben dermatologen soms…
Klinisch farmacologisch (huid)onderzoek
R. Rissmann
Artikel in PDF Onderzoek naar nieuwe geneesmiddelen voor patiënten met huidaandoeningen is in de afgelopen…
Mind your gap – Tips en tricks in de dermatochirurgie
J.M. Muche
Artikel in PDF Dermatochirurgische ingrepen maken een steeds groter deel uit van de dagelijkse dermatologische…
Non-melanocytaire pigmentstoornissen
M.V. Starink
Non-melanocytaire pigmentstoornissen kunnen qua oorzaak worden onderverdeeld in diverse groepen. Medicamenten zijn een belangrijke oorzaak, waaronder meerdere medicijnen die door de dermatoloog worden voorgeschreven. Voeding kan ook non-melanocytaire huidverkleuringen geven; carotenemie is hiervan een frequent voorkomend voorbeeld. Er zijn meerdere interne oorzaken van huidverkleuringen. Icterus en hemochromatose zijn hiervan voorbeelden. Tenslotte zijn er
ook exogene oorzaken, waaronder (pseudo)chromhidrosis (gekleurd zweet) en phaeoderma.
NVDV-Standpunt bimekizumab voor plaque psoriasis
Domeingroep Inflammatoire dermatosen
Artikel in PDF Het navolgende standpunt is opgesteld door de domeingroep Inflammatoire dermatosen van de…
Opleiden voor zorgtransformatie
F. Scheele
Artikel in PDF Onze opleidingen tot arts en specialist zijn traditioneel van aard en de…
Oud nieuws en nieuwe ontwikkelingen: vitiligo anno 2022
A. Wolkerstorfer, M.W. Bekkenk
Artikel in PDF De behandeling van vitiligo is moeilijk vanwege het chronisch beloop met onvoorspelbare…
Pigmentvlekken bij kinderen als uiting van een syndroom - Een klinische benadering
M. de Graaf
Pigmentvlekken bij kinderen kunnen het eerste klinische kenmerk zijn van een onderliggende aandoening of syndroom. Café au lait maculae en lentigines zijn hiervan bekende voorbeelden. Café au lait maculae kunnen geassocieerd zijn met syndromen zoals neurofibromatose type 1, Legius syndroom en McCune-Albright syndroom. Lentigines worden gezien bij bijvoorbeeld Peutz-Jeghers
syndroom en Noonan syndroom met multipele lentigines (LEOPARD syndroom). Een vroegtijdige diagnose is belangrijk om de juiste screening en surveillance af te spreken voor deze kinderen.
Schilferende huid - dagelijkse zorg en toekomst voor ichthyosispatiënten
A.H. Gostynski
Artikel in PDF Ichthyosis is een groep heterogene aandoeningen die de verhoorning van de huid…
Van oude zalf tot nieuwe inzichten - Koolteer aan de basis van nieuwe geneesmiddelen voor eczeem en psoriasis
E.H. van den Bogaard
Teerzalf was ooit een belangrijk middel in de behandeling van chronische ontstekingsziekten van de huid, met name psoriasis en atopisch eczeem. Tegenwoordig is teerzalf geen eerste keuze behandeling onder andere door de opmars van effectieve en patiëntvriendelijke biologicals en small molecule inhibitors. Toch is er het afgelopen decennium veel nieuwe kennis omtrent de werking van teerzalf opgedaan, hetgeen zich in de komende jaren zal
uitbetalen in vernieuwende topicale therapieën. In dit artikel wordt de biologische grondslag van de werking van teerzalf samengevat, de hieraan gerelateerde nieuwe kennis omtrent de biologie van de huid uitgelegd en mogelijke toekomstige op teer-gebaseerde therapieën besproken.
Welkom
Maarten Vermeer
Artikel in PDF Geachte collega’s, Hartelijk welkom bij de dermatologendagen 2022, welke gehouden gaan worden…
50 jaar onderzoek van cutane lymfomen in Nederland
R. Willemze
Cutane lymfomen vormen een heterogene groep van maligne T- of B-cel proliferaties die zich primair in de huid manifesteren zonder tekenen van extracutane lokalisaties. Deze aandoeningen zijn zeldzaam en de diagnostiek en behandeling vormen vaak een groot probleem voor zowel de dermatoloog als de patholoog. In dit historisch overzicht zullen recente ontwikkelingen in de diagnostiek, classificatie en behandeling van deze groep zeldzame aandoeningen besproken worden. Hierbij zal het belang van klinisch-pathologische correlatie en de centrale rol van de dermatoloog benadrukt worden.