M.B. Maessen-Visch
Jaargang 2018
, volume 2
Hoe communiceer je met vakgenoten en studenten over huidziekten? In de achttiende en negentiende eeuw gebeurde dat met wasmoulages, gravures, steendrukken, pentekeningen en dergelijke. Wasmoulages waren natuurgetrouwe zorgvuldig beschilderde afgietsels van de huid. Zij waren eertijds het belangrijkste visuele hulpmiddel om kennis over te dragen aan de studenten. In de loop van de twintigste eeuw maakte deze techniek plaats voor de fotografie. De namen van Suurmond en Polano zijn onlosmakelijk verbonden met de uitgave van Dermatologie in beeld, een boek met louter dermatologische afbeeldingen dat in 1974 voor het eerst uitkwam. Generaties studenten geneeskunde, zowel binnen als buiten Leiden, hebben hier hun voordeel mee gedaan. Gaandeweg werd de fotografie steeds belangrijker en gangbaarder, niet alleen om kennis over te dragen, maar ook om met collega’s te communiceren of om een uitgangssituatie van een huidziekte vast te leggen. Dat gebeurde bijvoorbeeld veel bij atypische moedervlekken die dan met een jaarlijkse fotografie werden gecontroleerd. Later werd het ook gebruikelijk om de resultaten van een behandeling te volgen. Daarmee deed de fotograaf zijn intrede in het ziekenhuis. Aanvankelijk alleen in de academische centra, later ook in andere ziekenhuizen.
Historische achtergrond
Al sinds de introductie van ‘beelden’ speelt de discussie: wat zien we hier eigenlijk? Het klassieke voorbeeld is de introductie van de beeldvormende röntgendiagnostiek. Plotseling zagen artsen zich genoodzaakt vele vergaderuren in te ruimen om consensus te bereiken over de interpretatie van röntgenbeelden. Voormalig hoogleraar Televisie, Media en Cultuur (Universiteit van Amsterdam) en huidige KNAW-voorzitter José van Dijck schreef hierover een verhelderend boek. [1] Ook de fameuze cultuurfilosoof en schrijver Susan Sontag schreef over fotografie in relatie tot de werkelijkheid. In haar ogen verruimt de fotografie onze horizon, maar krijgt een foto pas betekenis binnen een context. [2] Dat lijkt mij juist want stel dat we een foto van de huid laten beschrijven door een patiënt, een dermatoloog, een kunstcriticus en een journalist, dan krijgen we verschillende versies van een werkelijkheid.
Opheffing
Terug naar dermatologie. De fotografie is niet meer weg te denken. Mede door teledermatologie heeft deze een grote vlucht genomen. Patiënten met huidklachten hoeven niet te worden doorverwezen en (ernstige) huidziekten worden eerder ontdekt. Ondertussen blijft de interpretatie van fotografische beelden iets wat zorgvuldig moet worden bewaakt. Ook dermatologen hebben consensus moeten bereiken over wat zij op foto’s zagen (denk maar aan dermatoscopie). Geen medischklinisch vakgebied is zo nauw verbonden met (medische) fotografie als dermatologie. Geen wonder dat in alle ziekenhuizen medische fotografen in dienst kwamen, die vooral werden ingeschakeld door dermatologen. Onlangs bereikte ons een vraag van een collega uit een groot medisch centrum: het ziekenhuis wil de afdeling Medische Fotografie opheffen. Heeft de NVDV richtlijnen over de noodzaak van het vastleggen van foto’s? Het antwoord moest luiden: ten dele. In de richtlijn ulcus cruris, de richtlijn melanoom en in de kwaliteitsstandaard wondzorg staat de aanbeveling afwijkingen bij voorkeur digitaal vast te leggen. In zowel de richtlijn BCC als de richtlijn PCC ontbreekt een dergelijke aanbeveling. Ook onze andere richtlijnen melden hier niets over, en evenmin het normenrapport. Is daarmee de kous af? Niet echt, we denken dat we als bestuur ons moeten uitspreken over nut en vooral noodzaak van foto’s in de verslaglegging. Daarbij rekening houdend met de explosieve democratisering van het beeld: nu iedereen een smartphone heeft, worden we dag na dag overstelpt door foto’s. Een uitspraak echter of elk ziekenhuis – volgens de NVDV – verplicht is een afdeling Medische Fotografie in te richten, lijkt echter op voorhand een brug te ver.
Toekomstbeelden
Hoe ziet de toekomst eruit? Wat doen de dermatologen als alle ziekenhuizen uit bezuinigingsoverwegingen hun fotoafdeling opheffen? Misschien gaan zij alternatieven zoeken en een deel van hun statusvoering in zelfgemaakte foto’s vastleggen. Want laten we wel zijn, een foto legt een exacerbatie minstens zo goed vast als een klassieke beschrijving van efflorescenties. Het is natuurlijk niet de bedoeling de efflorescentieleer over boord te gooien. De efflorescentieleer blijft de hoeksteen van de dermatologische diagnostiek en is ook een onmisbaar instrument in de opleiding. Overschat daarbij niet de vaardigheden van dermatologen inzake fotograferen. Een collega van mij zou foto’s maken van een operatie. Uiteindelijk bleek achteraf dat deze collega een reeks selfies had genomen. Het moge duidelijk zijn dat dit niet onze jongste dermatoloog was …
Literatuur
1. Van Dijck J. Het transparante lichaam – Medische visualisering in media en cultuur. Amsterdam: Amsterdam University Press, 2001.
2. Sontag S. Over fotografie. Utrecht: Bruna, 1981.
Correspondentieadres
Birgitte Maessen-Visch
E-mail: birgittemaessen@kpnplanet.nl