Het secretariaat van de NVDV

Terug

5 min. leestijd

Delen via:

Jaargang 2019

, volume 6

Artikel in PDF

Ze blijven in de regel buiten beeld, maar vormen onmiskenbaar het hart van het bureau: het secretariaat. De bemensing bestaat uit Lies Rijksen, coördinator bestuurszaken, Virginia Hercules, coördinator bureauzaken, en algemeen secretaresse Miranda Staartjes. Een korte nadere kennismaking in een groepsgesprek, waarbij de één de vragen uitbundiger beantwoordt dan de ander.

Wat wilden jullie vroeger als kind worden? En wie was jullie idool?
De ogen van Rijksen lichten meteen op: “Mijn idool was David Cassidy, de Justin Bieber van de jaren ’70 van de vorige eeuw. Zijn poster hing niet in mijn slaapkamer maar in mijn Ryamagenda plakte ik wel zijn foto’s. Als hij bij TopPop op televisie was, leek het alsof hij alleen voor mij zong. Die slaapkamerogen …” Hercules is pragmatischer over haar jeugddromen: “Rijk worden! Op de bassischool heb ik zelfs een keer een spreekbeurt over geld gehouden. Na die fase wilde ik graag uitgroeien tot de nieuwe Beyoncé.” Met als toetje: “Dat laatste is overigens aardig gelukt.” Het tekent de humor en het relativeringsvermogen van de dames. Voor Staartjes was de toekomst erfelijk bepaald: “Mijn moeder was secretaresse en dat leek mij ook geweldig. Mijn idool was Madonna.”

Babysitten en folders

Wat was jullie eerste baantje en wat deden jullie met het geld?
“Babysitter, en dat heb ik een hele tijd volgehouden”, aldus Hercules. “Het kind entertainen, het kind op bed leggen en daarna lekker chillen. Makkie, dacht ik in mijn toen nog veel te jonge hoofd. Daar kwam ik al snel op terug toen het kind zichzelf had opgesloten op het toilet en ik mijn vader moest bellen om met een schroevendraaier mijn kant op te komen.” Voor Rijksen was de basis het rondbrengen van reclamefolders met haar oudere zus. Ze trof het niet want het was “een wijk waar ik nooit kwam en die ook nogal eng was. In veel gevallen waar ik een folder door de bus propte, vloog de voordeur open en kreeg ik de folder terug gesmeten: ‘Hou die zooi bij je!’ Daar zaten veel mannen op een omgedraaide keukenstoel op de stoep bij de voordeur, in hun hemd met een kratje bier ernaast. Ik was doodsbang.” Met het ‘verdiende’ geld betaalde ze de overbuurjongen, haar zus en nog een vriendinnetje die ze had gecharterd.

Hoe is de onderlinge taakverdeling?
Staartjes: “We hebben alle drie onze eigen taken, maar door de korte lijntjes zijn we allemaal van veel dingen op de hoogte. Wanneer iemand met iets zit, gooien we het in de groep en helpen we elkaar.” Rijksen en Hercules onderschrijven die woorden. Tot de kerntaken van de bureaumedewerkers behoort het coördineren van zaken, en de ondersteuning van commissies en werkgroepen. Het drietal coördineert bijvoorbeeld de bestuurszaken, de Commissie Nascholing en het Concilium (Rijksen), de commissie PR en Media, het campagneteam Wereldpsoriasisdag en de commissie Patiëntenvoorlichting (Staartjes), de dagelijkse gang van zaken op het bureau, de commissie Redactie Website, Visitatiecommissie en Accreditatiecommissie (Hercules). In unisono: “Dossierkennis is erg belangrijk, essentieel is een helicopterview: je moet weten wat er speelt.” Rijksen keerde na een emigratie naar de Verenigde Staten terug naar Nederland en kwam via via bij de NVDV terecht. Hercules meldde zich zelf aan, waar Staartjes de reguliere route via een vacature volgde.

Helicopterview

Interessanter is de zoektocht naar de persoonlijke kenmerken van de dames, al is alleen Rijksen bereid de vraag naar hun individuele passie van een antwoord te voorzien: “Lezen, koken, eten, zeilen, keramieken, fijnschilderen, bioscoop, de tuin mooier maken en het interieur blijven veranderen. Kom tijd te kort.”

Hoe typeert ieder van jullie zichzelf in drie woorden?
Het register van Rijksen gaat helemaal open: “Aardig, sociaal, collegiaal, knap, slim, gedreven, snel, warm, extravert, emotioneel, vrolijk, betrouwbaar en impulsief. Oh, drie woorden maar?” Puntiger zijn Hercules: “Nieuwsgierig, enthousiast en innemend” en Staartjes: “Behulpzaam, vriendelijk en rustig.”

Hebben jullie een guilty pleasure en zo ja wat?
Hercules zit “elke werkdag om 19.55 uur voor de tv, RTL4, schrapend met mijn keel, om vervolgens vijf minuten later het introlied van Goede Tijden, Slechte Tijden uit volle borst mee te zingen. Koekje, theetje, dekentje erbij en mijn avond is weer compleet.” Voor Staartjes is dat “chocolade in alle kleuren en smaken.” Rijksen voelt zich “nooit schuldig als ik ergens van geniet.”

Wat is de kracht en/of de zwakte van het bureau?
Eensgezind: “De kracht van het bureau is dat we elkaar heel goed aanvullen en dat we elkaar goed kennen inmiddels. We hebben een heel fijn team, collegialiteit staat hoog in het vaandel. De kracht is dat we goed communiceren, we weten wat we aan elkaar hebben. We overleggen en we stemmen af. Er is geen jaloezie en geen competitie. En dat met drie vrouwen bij elkaar …”
Uiterlijk vertoon is voor alle drie belangrijk: “We complimenteren elkaar maar steken ook niet onder stoelen of banken als een collega er niet uitziet die dag. Dat wordt er dan meteen goed ingewreven.”

Hoe is jullie persoonlijke verhouding tot de eigen huid?
“Mijn huid is sinds ik bij de NVDV werk echt belangrijk voor mij”, zegt Rijksen. “Zo ga ik niet meer in de zon en als ik een keer verbrand ben, durf ik me bijna niet te vertonen. Dan komt het commentaar van de collega’s hier. Ik ben me inmiddels bewust van de risico’s van overmatige blootstelling aan de zon en zonder bescherming veel buiten zijn. Ik kijk ook anders naar mensen die met jonge kinderen rustig een hele dag op het strand zitten met kindjes die aan het einde van de dag zo rood als een kreeft ogen. Daar zou ik wel wat van willen zeggen maar dat durf ik niet echt.” Staartjes: “Ik ben er zuinig op, mede door goede verzorging en heb het geluk dat ik geen problemen heb met mijn huid. Ik ben er tevreden over.”

Generatiekloof

Op het bureau is er sprake van een tweedeling: de vrouwen zijn voor het merendeel jong, de mannen daarentegen niet. Wat merken jullie van een mogelijke generatiekloof? De dames hebben er in de regel geen problemen mee, en ze vinden het wel zo gevarieerd. Er is een verschil in gedrag, constateert Rijksen: “De jonkies lopen na de gezamenlijke lunch vijf trappen op naar het bureau van de NVDV, de mannen en ik zelf nemen de lift.” Hercules heeft in tweede instantie een aanvulling: “Ze proberen wel met hun tijd mee te gaan, maar je merkt toch dat ze op bepaalde vlakken behoorlijk achterlopen. Als Jannes van Everdingen met zijn laptop aan mijn bureau staat om te vragen hoe hij zijn OV-kaart goed kan instellen, krijg ik daarna steevast de reactie: ‘Goh, hoe doe je dat toch?’ Alsof ik wereldwonder heb verricht. Of neem Frans Meulenberg die in een PR-campagneteamvergadering hoort over Ronnie Flex en Marly van der Velden en vervolgens aan mij vraagt of ik die namen ken. Al gaat dat de laatste tijd al wel beter. Ietsje beter, althans.”

Het is een publiek geheim dat de vrijdag op het secretariaat de ‘fundag’ heet. Wat geeft die dag de specifieke ‘fun’?
Niet alle geheimen behoeven ontsluiering, zo blijkt: “Wat onze Friday Funday nou echt inhoudt, zullen we nooit verklappen. Om toch een tipje van de sluiter op te lichten: de Friday Funday Spotifylijst gaat aan, zo nu en dan gaan onze verstelbare elektrische bureaus de lucht in én heel soms komt er zelfs popcorn aan te pas!”