A.M.R. Schrader, T. Middelburg, P.K. Dikrama, V. Noordhoek Hegt
Jaargang 2017
, volume 7
Correspondentieadres:
P.K. Dikrama
E-mail: p.dikrama@erasmusmc.nl
In de kennisquiz van de dermatopathologie zijn inflammatoire dermatosen, huidtumoren en huiddeposities aan bod gekomen. De huidige reeks gaat over melanocytaire proliferaties. Dit betreft histologisch een zeer complexe groep van aandoeningen. Het histologische beeld dient altijd op systematische wijze te worden beoordeeld waarbij de combinatie of het ontbreken van specifieke kenmerken tot de diagnose zullen leiden. Daarnaast dienen de klinische gegevens zoals leeftijd en geslacht van de patiënt en het (dermatoscopische) aspect en de locatie van de laesie te worden meegewogen. Om het accent te leggen op de histologie worden de klinische gegevens van de casus niet vermeld. Iedere quizbespreking wordt afgesloten met een tabel Van kliniek naar histologie waarin de klinische bevindingen worden vermeld met het bijbehorende histopathologische kenmerk.
Casus 4 (Figuur 1)
1. De melanocytaire proliferatie is gelegen in:
a) epidermis
b) dermis
c) epidermis en dermis
2. Stelling: De melanocyten tonen uitrijping (voor
zover te beoordelen).
a) waar
b) niet waar
3. Stelling: De melanocyten tonen cytonucleaire
atypie.
a) waar
b) niet waar
4. Het aspect van de melanocyten is het beste te
omschrijven als:
a) epithelioïd
b) pleiomorf
c) ballonvormig
d) spoelvormig
5. Stelling: Tussen de melanocyten liggen veel
melanofagen.
a) waar
b) niet waar
6. De histopathologische bevindingen passen het
beste bij:
a) naevoïd melanoom
b) spitznaevus
c) dermale melanocytaire naevus
d) desmoplastisch melanoom
e) naevus van Ito
f) blauwe naevus
De antwoorden vindt u op pagina 397.