To share or not to share ...

Terug

3 min. leestijd

Delen via:

A. Gostynski

Jaargang 2018

, volume 8

Artikel in PDF

De evolutie van de geneeskunde, en dus ook vaak van ons, heeft als gevolg dat wij veel meer samenwerken en ook veel meer data met elkaar willen uitwisselen. Voor dermatologen is het delen van data natuurlijk van belang, aangezien wij veel werken met beeldmateriaal, wetenschappelijk onderzoek verrichten en vooral zeer graag met elkaar willen blijven overleggen. Het delen van informatie is zeer gewenst op lokaal, landelijk en internationaal niveau. In het kader van veiligheid, bescherming van patiëntengegevens en, niet te vergeten, de nieuwe wetgeving (Algemene Verordening Gegevensbescherming), moeten we hiermee zeer voorzichtig zijn.

Op ICT-gebied wordt het uitwisselen van informatie steeds eenvoudiger gemaakt. Er zijn momenteel meerdere platforms om data gemakkelijk te delen via de cloud, zoals Dropbox, Onedrive, Box, Google Drive of ShareFile. Verder zijn er meerdere applicaties, vooral voor de mobiele apparaten, zoals WhatsApp, Viber, Messenger, die we in ons privéleven dagelijks gebruiken maar ook gemakkelijk pakken voor werkgerelateerde communicatie. Er komen steeds meer applicaties, die specifiek gericht zijn op zorgverleners, zoals Doximity, Siilo, Threema of Zorgdomein messenger. Anno 2018 heeft de dermatoloog dus enorm veel mogelijkheden om data, zoals beelden, tekst en bestanden, uit te wisselen met collega’s. De vraag is alleen hoe we het veilig kunnen doen?

Recent heb ik zelf ervaren hoe elk ziekenhuis een ander beleid hierover voert. Een van de UMC’s ondersteunt een van de bovengenoemde platforms voor bestanduitwisseling zodat medewerkers bestanden zoals protocollen of manuscripten kunnen delen met andere artsen en onderzoekers. Echter, door een ander UMC worden deze software en platform als onveilig en ongewenst beschouwd en dus geblokkeerd. Een probleem voor een soepel lopende samenwerking. Na meerdere overleggen is het gelukt om een uitzondering te regelen maar men kan zich afvragen hoe het komt dat wat door de ICT van het ene UMC als veilig wordt beschouwd, door een andere wordt afgekeurd?

Een korte enquête onder medewerkers verantwoordelijk voor dataveiligheid van drie UMC’s en twee perifere ziekenhuizen heeft zeer interessante bevindingen opgeleverd. In een van de UMC’s worden sommige van de websites geblokkeerd (onveilig verklaard), andere niet officieel ondersteund maar niet geblokkeerd. In dit UMC is het niet mogelijk om bijvoorbeeld Dropbox cliënt te installeren op het werk. In twee andere UMC’s wordt sterk afgeraden gebruik te maken van platforms om bestanden te delen maar niks wordt geblokkeerd. Hier wordt de verantwoordelijkheid juist bij de eindgebruiker gelegd. Er wordt wel een van de speciale, veilige zorgmessenger apps aangewezen om met elkaar in contact te blijven. Opmerkelijk is, dat het voor beide UMC’s een andere app is.

In alle UMC’s wordt duidelijk gezegd dat voor data-uitwisseling liefst een contract met een ander ziekenhuis afgesloten moet worden en dat het doel van het delen zeer duidelijk geformuleerd en liefst vastgelegd moet worden voor eigen administratie. De door mij bevraagde perifere ziekenhuizen hebben een andere aanpak: alles wordt geblokkeerd op het werk zodat in het geval van een datalek deze niet terug naar het ziekenhuis leidt maar naar de privéhardware van de eindgebruiker. Het kan echter variëren per ziekenhuis en dus door gebrek
aan een gezamenlijk beleid wordt delen niet echt ondersteund. Het enige waarover alle ziekenhuizen het eens waren, is dat momenteel beveiligde (werk)e-mail toch hun voorkeur heeft boven alle andere manieren van communicatie.

Er zijn nu plannen van de Nederlandse Federatie van Universitair Medische Centra (NFU) om alle UMC’s een platform te geven gebaseerd op Microsoft Office 365. Dit zal het delen zeker gemakkelijker maken. Ik verwacht echter niet dat in Nederland snel een gezamenlijk beleid voor alle ziekenhuizen komt. Tot die tijd lijkt het meest redelijk om advies bij de eigen ICT en afdeling dataveiligheid te zoeken en niet direct nee als antwoord te accepteren – zo kunnen we het langzaam veranderen. Het blijft zeer wenselijk voor ons, als artsen en dermatologen, om met elkaar goed en veilig te kunnen communiceren. Zoals Snoop Dogg zei, “It ain’t no fun if the homies can’t have none.”

Correspondentieadres
Antoni Gostyński
E-mail: antoni.gostynski@mumc.nl