In Memoriam - Dr. Pieter C. van Voorst Vader 1946-2017

Terug

5 min. leestijd

Delen via:

Marcel F. Jonkman

Jaargang 2017

, volume 9

Artikel in PDF

Met verslagenheid hebben wij kennis genomen van het overlijden van dr. Pieter Cornelis van Voorst Vader op de leeftijd van bijna 71 jaar op vrijdag 8 september 2017 te Groningen. Pieter van Voorst Vader heeft zich van 1980-2011, gedurende 31 jaren, met volle energie ingezet als academisch dermatoloog in het Universitair Medisch Centrum Groningen. Die inzet kenmerkte zich door buitengewone zorgvuldigheid met oog voor detail, waar menig nachtelijk uur aan werd opgeofferd. Zijn bijzondere verdiensten doen zich voor op het gebied van medische zorg, onderwijs en opleiding, en de
kunsten.

Zijn opleiding

De opleiding Geneeskunde liep Pieter van 1964-1973 aan de Universiteit van Amsterdam. Op 18 april 1973 behaalde hij zijn artsexamen. Daarna werd hij waarnemend huisarts gedurende een jaar. Vervolgens was hij 4 jaar arts-assistent in opleiding dermatologie in het Academisch Ziekenhuis van de Vrije Universiteit in Amsterdam tot 1978. Op 4 november 1978 volgde erkenning als medisch specialist. Daarna is hij studiereizen gaan ondernemen. Hij bezocht van 1978-1979 afdelingen Dermatologie van de Stanford University in Palo Alto, de Mayo Clinic in Rochester, de Temple University in Philadelphia en als vertegenwoordiger van de Nederlandse Werkgroep Cutane Lymfomen, het National Cancer Institute in Washington, en de dermatologische kliniek van de Universiteit van München. Terug in Amsterdam heeft hij voor de GG & GD waargenomen op de polikliniek voor S.O.A. aan de Groenburgwal en voor verschillende dermatologen in Amsterdam, Amstelveen, Zaandam, Velzen en Bergen op Zoom. De rol van incidenteel waarnemend huisarts bleef hij tot 1980 volhouden naast zijn werkzaamheden als dermatoloog.

Loopbaan

Op 1 oktober 1980 trad hij als wetenschappelijk hoofdmedewerker/Chef de Policlinique/dermatoloog in dienst bij de afdeling Dermatologie van het Algemeen, Provenciaal, Stads en Academisch Ziekenhuis te Groningen, ook wel ‘Takkedemies’ genoemd. Het belangrijkste is dat hij al die jaren voor generaties Groningse studenten het icoon was van de dermatologie. ’Professor’ Van Voorst kenden ze allemaal. Een leerstoel heeft hij nooit bekleed maar dat doet niets af aan zijn status als leermeester. Zijn inzet voor het onderwijs aan studenten en coassistenten was veel hoger dan waarvoor hij werd afgerekend door de faculteit. De faculteit maakte hem speciaal daarvoor complimenten. Met een Koninklijke onderscheiding in 2011 zou hij de erkenning krijgen die hij zo verdient. Na het vertrek van prof. Klokke in 1985 nam Van Voorst zijn lepraspreekuur over. Om zich voor te bereiden bezocht hij in de zomer van 1986 gedurende zes weken de lepracursus te Karigiri in India. Naast de drukke klinische werkzaamheden rondde hij een promotie af op 4 juni 1986 met als onderwerp: High risk groups in cutaneous oncology: basal cell nevus syndrome, xeroderma pigmentosum and epidermodysplasia verruciformis. Immune surveillance and retinoid treatment. Hij bleef tot 1996 als chef de clinique verantwoordelijk voor het reilen en zeilen van de polikliniek en tot 2004 als waarnemend opleider nauw betrokken bij de opleiding dermatologie. Vanaf 2004 werd hij door de MSRC erkend als stageopleider huisartsopleiding. Bij zijn pensioenering op 1 september 2011 werd hij benoemd tot Offcier in de Orde van Oranje Nassau wegens zijn grote verdiensten als docent, bestrijder van geslachtsziekten en curator van het werk van de Groninger H.N. Werkman.

Opleider

Ook voor generaties arts-assistenten die in Groningen zijn opgeleid tot dermato-venereoloog was dr. Van Voorst Vader hun strakke leermeester. Dit moeten in al die jaren ongeveer veertig assistenten zijn geweest, waaronder ikzelf. Met niet aflatende controledrang heeft hij velen behoed voor het afdwalen van het rechte pad der dermatologie. Hij schroomde niet om zijn instructies in nachtelijke e-mails tot ons te laten komen. Pieter van Voorst Vader vervulde op bijzonder consciëntieuze wijze zijn taken met een duidelijke voorkeur voor supervisie op papieren dossiers. Op de status van menig brief van assistenten kleefde een gele notitie, die wij onderling ’VVV-bon’ noemden. Pieter had naast geslachtsziekten (vide infra) nog enkele aandachtvelden, te weten tropische dermatologie, cutane lymfomen, mastocytose en familiair melanoom.

Geslachtsziekten

Van Voorst Vader heeft zich onbaatzuchtig en met tomeloze energie ingezet voor de publieke gezondheidszorg in het algemeen en de geslachtsziektenbestrijding in het bijzonder. Zijn eerste publicaties op dat gebied verschenen mid-jaren negentig. Hij trad toe tot de International Union against Sexually Transmitted Infections (UISTI), was de trekker voor de richtlijn Management of Syphilis en van de eerste soa-richtlijn van de Nederlandse Vereniging voor Dermatologie en Venerologie in 1997. Hij richtte het soa-centrum Noord-Nederland op, dat fungeerde als peilstation van geslachtsziekten. Het topjaar van de soa-polikliniek van het UMCG was tot nu toe 2004 met 75 vroege syfilispatiënten. In dit verband is het opvallend dat hij altijd speciale zorg had voor de extra kwetsbaren in onze samenleving, zoals zijn bemoeienis met mensen die seksueel misbruikt zijn en prostituees. Hij toonde een onnavolgbare ijver met oog voor detail. Pieter aarzelde nooit te communiceren met collega’s over hun opinies, ook al was het zondagmorgen, en onderhandelde op verlichte wijze waarbij enige aandrang niet werd gemeden. Kort voor zijn naderende einde heeft hij nog met succes enkele verdwenen publicaties weer zichtbaar laten maken op de IUSTI-website.

Kunst

Pieter van Voorst had een grote interesse in kunst en literatuur. Hij hield de dermatologische literatuur strikt bij en deelde dat met de assistenten. In aanloop van het Werkmanjaar in 1995 maakte hij een studiereis naar het Klingspor Museum Offenbach, Museum für internationale Buch- und Schriftkunst in Offenbach, om de vele variaties en proefdrukken van Hendrik Nicolaas Werkman op dia te zetten en naar Nederland te halen. Voor collega’s uit zijn werkkring organiseerde hij lezingen, waarbij de dia’s het bijzondere van Werkmans kunst tot uitdrukking brachten. Ook geïnteresseerden
buiten zijn werkkring wist hij te boeien met het zelf verworven materiaal en te verrassen met zelf ontdekte relaties met vroegere literatuur in het bijzonder die van Boris Pasternak en Toon Tellegen.

In zijn afscheidsrede op 1 september 2011 gaf Van Voorst aan dat het product expertise ook verkocht moet worden. “In de zorgvuldigheid van werken en van omgaan met de patiënt, daarin zit volgens mij een brok(je) magie. Die magie hebben sommigen meer dan anderen, die magie kan per dag, per uur wisselen, is afhankelijk van de interactie tussen individuen. Die magie is kostbaar, dient, Deo volente, niet opgeofferd te worden aan overheersende wetenschappelijke ambities. Kwaliteitsbewaking hoeft die magie niet in de weg te staan, integendeel. Inzet, ook naar de patiënt toe!” Met de leeftijd komt het inzicht dat ons genoeglijke leven slechts kort duurt. Onder zijn overlijdensbericht was een motto geplaatst van Rilke: “Herr es ist Zeit, der Sommer war sehr gross”.

Marcel F. Jonkman, afdeling Dermatologie, Universitair Medisch Centrum Groningen

Correspondentie:
Prof. dr. Marcel F. Jonkman
Afdeling Dermatologie
Universitair Medisch Centrum Groningen
E-mail: m.f.jonkman@umcg.nl