M. Haaksman, F. van Hunsel
Jaargang 2019
, volume 6
Regelmatig krijgt Bijwerkingencentrum Lareb meldingen van geneesmiddelgeïnduceerde fotosensitiviteit. Zonlicht, zonnebankgebruik en lichttherapieën worden als oorzaken genoemd. Uit de meldingen blijkt dat patiënten niet altijd weten dat fotosensitiviteit ook kan ontstaan in de schaduw, achter glas, door lichttherapie en de zonnebank. Hierdoor nemen zij geen adequate voorzorgsmaatregelen.
Bij geneesmiddelgeïnduceerde fotosensitiviteit zorgt de gecombineerde werking van een chemische stof en (zon)licht voor de ontwikkeling van een fotoreactie op de huid. [1] Deze reactie kan aanzienlijk variëren in presentatie en ernst. [2] Er zijn twee verschillende vormen van fotoreacties: fototoxische reacties (niet-allergisch) en fotoallergische reacties (allergisch). Het is in de praktijk soms erg lastig deze twee vormen van elkaar te onderscheiden. [1]
Een fototoxische reactie is het gevolg van directe weefsel- en celschade zonder immunologisch mechanisme, die minuten tot uren na blootstelling aan licht kan ontstaan. De reactie manifesteert zich in een brandende en jeukende zonnebrand waarbij fel erytheem, oedeem, vesikels en bullae kunnen ontstaan. [2] De huidreactie is scherp begrensd en verschijnt alleen op de delen van de huid die zijn blootgesteld aan de zon. [1] Andere manifestaties van fototoxische reacties zijn hyperpigmentatie, foto-onycholyse, pseudoporfyrie en teleangiëctasieën. [2-4] Een fototoxische reactie is dosisafhankelijk en er is geen voorafgaande sensibilisatie nodig. [1]
Bij een fotoallergische reactie gaat het om een type IV-allergische reactie, die 24 uur tot 14 dagen na blootstelling aan zonlicht kan ontstaan. [1,5] De huidreactie ontstaat meestal op de aan licht blootgestelde huid, maar kan zich ook manifesteren op andere plekken. Het huidbeeld lijkt op een eczemateuze dermatitis [1] met papels, vesikels en pruritus. [5] Voorafgaande sensibilisatie is nodig en kruisovergevoeligheid tussen vergelijkbare geneesmiddelen is mogelijk. [1] Fotosensitiviteit werd tot 8 mei 2018 in totaal 624 keer gemeld bij Bijwerkingencentrum Lareb. Van slechts een klein deel van de meldingen is bekend of het om een fototoxische reactie ging (8,8%) of een fotoallergische reactie (8,5%). De geneesmiddelen waarbij fotosensitiviteit veelvuldig is gemeld, zijn onder andere hydrochloorthiazide, doxycycline en methotrexaat (zie tabel 1). [6] In de officiële productinformatie van deze producten wordt fotosensitiviteit ook als bekende bijwerking genoemd. [7]
Doxycycline
Naast de meldingen van fotosensitiviteit ontving Lareb ook nog vijftien meldingen van onycholyse bij gebruik van doxycycline (anno mei 2018). Een melding kwam van een huisarts en betrof een 8-jarig kind dat doxycycline kreeg voor erythema migrans bij de ziekte van Lyme. Tijdens deze kuur ging de patiënt op vakantie naar de zon, waar hij na twee dagen last kreeg van rode, jeukende blaasjes op de huid. Het gebruik van doxycycline werd gestaakt en de patiënt werd behandeld met koelzalf en een antihistaminicum. Twee weken na staken van doxycycline kreeg de patiënt last van verkleurde en loslatende nagels. Alle vingernagels en enkele teennagels waren aangetast. De huisarts meldde deze opvallende gebeurtenis een week nadat de laatste klachten waren opgetreden. Op dat moment was de patiënt herstellende van de klachten (zonder verdere behandeling).
Lareb ontving vijftien meldingen van onycholyse bij gebruik van doxycycline.
Foto-onycholyse kan weken na gebruik optreden en wordt daarom niet altijd herkend als bijwerking. Hoewel fotosensitiviteit een redelijk bekende bijwerking is bij doxycycline, is foto-onycholyse een stuk minder bekend. Gelukkig staat deze bijwerking sinds enkele jaren in de officiële productinformatie van doxycycline beschreven. [7]
uva- en uvb-stralingen
Geneesmiddelgeïnduceerde fotosensitiviteit ontstaat meestal na blootstelling aan UVA-straling, die door bewolking, vensterglas en dunne kleding heen kan gaan. Ook UVB-straling of een combinatie van UV-stralingen kan fotosensitieve huidreacties veroorzaken, zoals de stralingen van zonnebanken, sterke halogeenlampen en felle lampen in (tandarts)praktijken. [8]
In de meldingen die Lareb krijgt, wordt voornamelijk zonlicht genoemd als oorzaak van fotosensitiviteit, naast zonnebanken en lichttherapieën. Een voorbeeld; een patiënt met hydrochloorthiazide voor hypertensie onderging een zonlichtkuur in het buitenland ter behandeling van psoriasis. Drie weken na de zonlichtkuur kreeg hij last van ernstige uitslag en jeuk. De behandeling met hydrochloorthiazide werd meteen gestaakt en de patiënt herstelde met ongespecificeerde restverschijnselen. Daarnaast meldden enkele patiënten met verbazing dat ze een zonnebrand hebben opgelopen in de schaduw of binnenshuis. [6]
De belangrijkste maatregel na het ontstaan van fotosensitiviteit is het staken van het geneesmiddel. Dit gebeurde in bijna de helft van de gemelde gevallen. [6] Het is echter niet altijd mogelijk om het verdachte geneesmiddel te staken; het is bij deze patiënten van belang maatregelen te nemen om fotosensitieve reacties te voorkomen. Deze maatregelen bestaan uit het vermijden van (zon)licht, het smeren van een zonnebrandcrème met zowel UVB- als UVA-bescherming en het dragen van beschermende kleding, hoeden en zonnebrillen met de juiste UV-filter. [1,2,5]
Herstelperiode
Indien het middel wordt gestaakt of (zon)licht wordt vermeden, verdwijnt een fototoxische reactie na enkele dagen. De klachten kunnen eventueel verlicht worden met een verzachtende gel. [5] Een fotoallergische reactie kan een langere tijd aanhouden doordat kleine hoeveelheden van het geneesmiddel een tijd in de huid aanwezig blijven. [9] Behandeling met antihistaminica en topicale of systemische corticosteroïden is soms nodig bij deze reactie. [5] In zeldzame gevallen kan chronische actinische dermatitis ontstaan. [1] Belangrijk is dat patiënten beseffen dat fotosensitiviteit niet alleen ontstaat na directe blootstelling aan zonlicht, maar ook kan ontstaan in de schaduw, achter glas, door gebruik te maken van zonnebanken en door lichttherapieën. Alleen met deze kennis kunnen patiënten adequate voorzorgsmaatregelen nemen om deze vervelende bijwerking te voorkomen.
Literatuur
1. Monteiro AF, Rato M, Martins C. Drug-induced photosensitivity: photoallergic and phototoxic reactions. Clin Dermatol 2016;34(5):571-81.
2. Khandpur S, Porter RM, Boulton SJ, Anstey A. Drug-induced photosensitivity: new insights into pathomechanisms and clinical variation through basic and applied science. Br J Dermatol 2017;176(4):902-9.
3. Drucker AM, Rosen CF. Drug-induced photosensitivity: culprit drugs, management and prevention. Drug Saf 2011;34(10):821-37.
4. Ferguson J. Photosensitivity due to drugs. Photodermatol Photoimmunol Photomed 2002;18(5):262-9.
5. Moore DE. Drug-induced cutaneous photosensitivity: incidence, mechanism, prevention and management. Drug Saf 2002;25(5):345-72.
6. Nederlands Bijwerkingencentrum Lareb. Lareb Databank. 8-5-2018. Ref Type: Online Source.
7. College ter Beoordeling van Geneesmiddelen. Geneesmiddeleninformatiebank. 8-5-2018. Ref Type: Online Source.
8. Drug-induced photosensitivity. Prescrire Int 2009;18(103):208-11.
9. Joost van T, Bruynzeel DP. Huidafwijkingen door geneesmiddelen, 1e editie ed. Zeist: Glaxo B.V., 1995.
10. Nederlands Bijwerkingencentrum Lareb. Signal ‘Hydroquinine and photosensitivity reaction’. 9-4-2018. 1-6-2018. Ref Type: Online Source.
Correspondentieadres
Michelle Haaksman
E-mail: m.haaksman@lareb.nl