Dr. Kees-Peter de Roos
Jaargang 2017
, volume 3
Kiss-and-ride is geen vaag vervolg op een Tinderdate maar een mogelijkheid om iemand dicht bij een bestemming te brengen zonder gedoe met parkeren. Stoppen, dikke zoen en wegwezen. Het medisch huis, de Domus Medica, ontbeert al jaren zo’n plek en misschien is dat maar goed ook. Op 10 februari organiseerde de NVDV de tweede Kwaliteitsdag ‘nieuwe stijl’. Net als een jaar eerder waren tientallen dermatologen, veelal afkomstig uit de domeingroepen, naar de Domus gekomen om met het bestuur, maar vooral onderling, een dag lang van gedachten te wisselen over wat er speelt op de diverse terreinen van de dermatologie. Een inspannende en inspirerende dag. Enkele belangrijke besproken thema’s wil ik hier onder de aandacht brengen.
Certificaten
De Domeingroep allergie en eczeem maakt zich zorgen over de positie van de allergologie in het zorgspeelveld. Steeds vaker wordt de kinderarts gezien als de eerst aangewezen zorgverlener bij kinderen met eczeem en allergie en voeren allergologen plaktesten uit. Hoewel de dermatoloog door zijn training nog steeds de meest aangewezen specialist is in het uitvoeren van plakproeven en het herkennen van geneesmiddelenreacties, gaat de complexe geneesmiddelenallergie, voedingsallergie en insectengifallergie grotendeels aan ons voorbij. Om het tij te keren pleitte de Domeingroep voor het introduceren van het certificaat dermatoloog-allergoloog. Er zijn nu internist-allergologen en kinderarts-allergologen. In Duitsland zijn er dermatoloog-allergologen. Het voorstel was om binnen de huidige opleiding een keuzemogelijkheid te creëren, waardoor de aios na een aanvullende opleiding gecertificeerd zou kunnen worden in de allergologie.
Suzanne Pasmans, onder andere opleider kinderdermatologie, sprak haar waardering uit voor het lef van dit voorstel. Zij vond dit een goede actie op wat er nu in het veld gebeurt, maar Vigfús Sigurdsson voorzag dat het consilium het opleidingsplan niet zo maar kan veranderen. De andere wetenschappelijke verenigingen moeten dit ook goedkeuren en hij verwacht dan veel weerstand van de internistallergologen.
Jorrit Terra merkte op dat certificering iets is dat je voor de buitenwereld doet; patiënten en huisartsen zien dan dat men ook voor allergische problematiek bij de dermatoloog moet zijn. Maar dat certificaat heb je niet zomaar. Daar moet je eerst naartoe groeien. Het is zaak een eigen profiel op te bouwen. Hoe profileer je jezelf als dermatoloog-allergoloog tegenover de andere dermatologen en tegenover andere specialismen? Tamar Nijsten sloot hierop aan: een fellowship allergologie voor de dermatologie kan een goed begin zijn. Dat is een rechtvaardiging voor het werk en de positie van de dermatoloog. Het is zaak die certificering van onderaf uit te werken. Hij pleit voor het lokaal opstarten van het geheel, door in de centra met reeds een sterk allergologieprofiel extracurriculaire activiteiten op te starten. Het bestuur vergaderde een week later en petit comité en wil deze ontwikkeling ondersteunen, vooral ook omdat het als blauwdruk kan dienen voor andere (deel-) certificaten.
De Domeingroep dermatochirurgie en Lasers heeft grote plannen met de ontwikkeling van een laserkaart, een PR-offensief met nieuwe folders plus filmpjes en een opleidingsverdieping die moet leiden tot een certificaat. Dit naar voorbeeld van de Amerikaanse Laser Society. Advies van de deelnemers: realiseer een uniforme opleiding laser met certificaat. Inclusief retrograde certificering voor mensen die al met lasers werken. Wellicht is eenzelfde aanpak als bij allergologie de juiste: opbouwen van onderaf.
Governance: verenigingen en werkgroepen
Jaren geleden is er een vereniging voor kinderdermatologie opgericht: de NVK. Deze was in het verleden heel actief en begon onlangs aan een tweede leven. Van deze vereniging zijn twee vertegenwoordigers aanwezig in de European Society of Pedriatic Dermatology. De vraag is of dat wenselijk is. De verantwoordelijkheidsstructuur werd tijdens de Kwaliteitsdag besproken. De NVDV-organisatie leunt inhoudelijk/strategisch op de domeingroepen. De Domeingroep kinderdermatologie zou volgens de aanwezigen dan ook het mandaat van de NVDV moeten hebben om vertegenwoordigers af te vaardigen in richtlijnwerkgroepen en buitenlandse zusteren koepelverenigingen.
Een vergelijkbare situatie doet zich voor binnen cosmetische dermatologie. Onlangs is een vereniging voor cosmetische dermatologie opgericht. Ook deze situatie wordt als ongewenst beschouwd. Analoog aan de kinderdermatologie zal de NVDV de vereniging laten weten dat de domeingroep ‘leidend’ is inzake alle beslissingen.
Tot slot
Het was een geslaagde dag waarbij naast bovenstaande, tal van onderwerpen de revue zijn gepasseerd waar het bestuur mee aan de slag kan en zal gaan. Want zoals al vaker gememoreerd, het bestuur kan niet zonder input en feedback van de leden en zeker niet van leden die zeer actief zijn in de verschillende domeingroepen. Daarbij past geen vluchtig afscheid als bij een kiss-and-ride.
Correspondentieadres
E-mail: kpdr@dermapark.nl
Aan de leden en gepensioneerde leden van de NVDV
De Werkgroep Geschiedenis van de NVDV stelt zich onder andere ten doel het historisch materiaal van de NVDV en van de dermatologie in de meest uitgebreide zin zo goed mogelijk te bewaren en te rubriceren.
Het verenigingsarchief van de NVDV wordt grotendeels bewaard in het Noord-Hollands Archief in Haarlem.
Historische literatuur wordt bewaard in het Trefpunt voor Medische Geschiedenis in Urk, onder beheer van Prof. dr M.J. van Lieburg.
Thans is er slechts een kleine hoeveelheid historisch dermatologisch materiaal in de zin van boeken, monografieën en andere parafernalia aanwezig in het archief van het Trefpunt voor Medische Geschiedenis.
De Werkgroep Geschiedenis zou graag deze collectie aanzienlijk willen uitbreiden en verzoekt bij dezen aan degenen die dermatologisch historisch materiaal in hun bezit hebben, te overwegen dit over te dragen aan het Trefpunt voor Medische Geschiedenis waar het door iedereen ingezien kan worden en voor de toekomst behouden kan blijven.
Met vriendelijke groet
namens de Werkgroep Geschiedenis,
William R.Faber, Auguste Glastra
U kunt hierover contact opnemen met:
Auguste Glastraauguste.glastra@gmail.com
035-5312881
William R. Faber
faber.aalders@hccnet.nl
06 53136905