M.B. Crijns, S.T.P. Kouwenhoven, J. Toonstra
Jaargang 2018
, volume 8
Veroudering van de huid, of waarvoor in Nederland ook wel de ingeburgerde term (skin) aging wordt gebruikt, wordt in de huidige maatschappij steeds meer als een medisch en sociaal probleem gezien. Veel ouderen, maar juist ook jongeren proberen aging te vertragen door te sporten, gebruik te maken van gerichte cosmetica en cosmetische operaties te ondergaan. Veroudering heeft zo psychosociale impact op het individu en de term krijgt nogal eens een negatieve bijklank. Een jeugdig uiterlijk is tegenwoordig immers meer de norm en wordt geassocieerd met zelfvertrouwen, financieel succes, toegenomen productiviteit en het hebben van meer goede sociale contacten. Het lijkt er dan vaak ook op dat het belangrijker is er leuk uit te zien dan leuk te zijn. Veroudering kan zo leiden tot sociale angst, isolatie en depressie. Uit onderzoek is gebleken dat ouderen graag een ander willen aanraken, echter ouderen hebben zelf vaak minder affectieve relaties. [1]
Tijdens het proces van huidveroudering en het ontwikkelen van rimpels staat de huid naast endogene verouderingsprocessen veelal continu bloot aan de invloed van UV-straling. Door deze straling, bestaande uit fotonen, treedt vooral een thyminedimeerreactie op waardoor de DNA-sequentie verandert. Daarnaast produceren keratinocyten en fibroblasten onder invloed van UV-straling zogenoemde matrix metalloproteïnen, die het dermale bindweefsel afbreken. Tevens wordt door senescente cellen met verouderd DNA een kwalitatief mindere epidermis en collageen geproduceerd om de huidschade te herstellen. Gevolg is dat de epidermis dunner wordt en het dermo-epitheliale grensvlak platter. Het afvlakken van de retelijsten leidt tot een verminderd oppervlak voor transport van nutriënten, zoals beschermende lipiden in het stratum corneum. Ook de afname van organellen, zoals zweet- en talgklieren, dragen bij aan een droger en kwetsbaarder milieu. Tevens neemt met het klimmen der jaren het aantal melanocyten af en komen de effecten van foto-aging in een stroomversnelling. Net als bij andere orgaansystemen wordt ook de huid op leeftijd minder gevasculariseerd. Zo is er een afname van subcutaan vet en een afname van de activiteit van de fibroblasten. Door deze combinatie en de bovengenoemde factoren zal onze huid rimpelen. De convergerende bindweefselschotten en hun ondergelegen fascie trekken harder dan het in verval geraakte collageen met de broze epidermis. Zo blijft geen mens eeuwig in de plooi. [2-7]
Bij veroudering zie je dat de vorm van het gezicht verandert, frontaal worden lijnen, rimpels en groeven zichtbaar, zich uitend in voorhoofdlijnen, fronsrimpels en kraaienpootjes. De neuspunt gaat zakken en de neus lijkt iets langer en slapper te worden. De bovenste oogleden zijn slapper waardoor daar een huidoverschot ontstaat (blepharochalasie). De nasolabiale plooien worden steeds dieper en de mondhoeken gaan verder afhangen evenals de verticale lijnen op de boven- en onderlip. [8] Hierdoor verandert de expressie van het gezicht en men lijkt strenger te kijken en soms krijgt men zelfs een bedroefde uitstraling. Op sommige schilderijen zijn deze emoties fraai verbeeld. Charley Toorop schilderde twee jaar voor haar dood (1955) in 1953 haar zelfportret waarop bovenstaande verouderingskenmerken in het gelaat duidelijk zijn weergegeven. Zij schilderde zichzelf streng en met harde lijnen (figuur 1).
Rembrandt van Rijn (1606-1669) schilderde eveneens veel zelfportretten. Bert Haanstra maakte in 1956 een film over deze zelfportretten. Hij zette ze in chronologische volgorde en liet de beelden vervolgens uiterst langzaam van het ene in het andere overvloeien, met de ogen als constante factor. Hij bereikte zo het effect van een gezicht dat over een periode van een jaar of veertig zichtbaar verouderde: de wenkbrauwen en bovenste oogleden zakten, Rembrandt kreeg een arcus seniles, een rode neus, benigne tumoren en bruine maculae in het gelaat en zijn ogen werden doffer. Het portret uit 1669 is waarschijnlijk zijn laatste (figuur 2). In het dagblad Trouw (20-06-2014) wordt hierover geschreven: “…hier zien we een zelfbewuste kunstenaar. Maar over ijdelheid gaat dit portret niet. Het gaat over kunst. Over hoe je met een veeg van het penseel de wallen onder de ogen aanzet, over hoe met een wit accent een neus reliëf krijgt, en hoe je met verschillende kleuren de rommelige wenkbrauwen van een oude man weergeeft.” Aan het eind van zijn leven oogde Rembrandt bedroefd en depressief. Hij had ook zijn tweede vrouw Hendrickje Stoffels (1626-1663) verloren. Zij was aanvankelijk zijn dienstbode en later ook verkoopster van zijn schilderijen. In 1668 was zijn zoon Titus overleden aan de pest. In deze context is dit een begrijpelijke weergave van dit zelfportret. [8]
Stanley Spencer (1891-1959) schilderde zijn Zelfportret (figuur 3) ook een jaar voor zijn dood. Hij was doordrongen van een besef van zijn sterfelijkheid. Het is een realistisch portret geworden, zonder overbodige en onnodige details: er spreekt een combinatie van trots en nederigheid uit. [9]
Gelukkig zijn er in de kunst schilderijen waarop naast de veroudering ook de schoonheid en kracht van de ouderdom tot uiting komen. Zo schilderde Bernardo Strozzi (1615) Oude vrouw in de spiegel (figuur 4). Het betreft mogelijk de moeder van de kunstenaar. Aanvankelijk ging Strozzi het Kapucijnenklooster in, echter toen zijn vader rond 1608 stierf, verliet hij dit klooster om voor zijn moeder en ongehuwde zuster te zorgen. Hij steunde zijn familie via verkoop van zijn schilderijen. Op dit schilderij ziet men in de spiegel een jongere vrouw in dezelfde vorm als de vrouw voor de spiegel. De schilder beschermt haar: ze ziet er zachtaardig en teder uit. De bloem in haar haar symboliseert het leven en haar frisheid, maar ze oogt ook deftig en vitaal.
Op de tentoonstelling Het niet-perfecte is perfect van Herman Gordijn (1932-2017) in Museum More in Gorssel was het portret Rimmel (1973) te zien, met een oude dame waarbij de tragiek van het lichamelijk verval is afgebeeld (figuur 5). Een uitspraak van Gordijn: “Het gegeven dat een jonge stralende huid langzaam verandert met het ouder worden, dat drama van verval houdt mij bezig.”
Tot slot, de laatste afbeelding (figuur 6) van Pavel Hudec-Ahasver (1968), Zonder titel, kreeg ik toegestuurd van een collegadermatoloog. Op de ansichtkaart is het gelaat afgebeeld van een vrolijk en vriendelijk ogende vrouw op leeftijd. Zij draagt bloemen in haar mond en haren, dit waren de meest oude en natuurlijke versieringen van de vrouw. Margarites, Grieks voor Margriet, betekent parel. Als je iemand margrieten geeft staat dat symbool voor haar gelukkig willen maken. Ondanks de poging om met deze bloemen de schoonheid van de oude dame te beïnvloeden, schreef mijn collega-dermatoloog erbij: “Een peelinkje zou wonderen verrichten, toch?”
Literatuur
1. Gupta MA, Gilchrest BA. Psychosocial aspects of aging skin. Dermatol Clinics 2005;23(4):643-8.
2. www.huidarts.com, Huidveroudering.
3. Moragas A, Castells C, Sans M. Mathematical morphologic analysis of aging-related epidermal changes. Anal Quant Cytol Histol 1993;15:75-82.
4. Montagna W, Carlisle K. Structural changes in ageing skin. Br J Dermatol 1990;122 Suppl 35:61-70.
5. Yaar M, Gilchrest BA. Skin aging: postulated mechanisms and consequent changes in structure and function. Clin Geriatr Med 2001;17:617-30.
6. Varani J, Dame MK, Rittie L, et al. Decreased collagen production in chronologically aged skin: roles of age-dependent alteration in fibroblast function and defective mechanical stimulation. Am J Pathol 2006;168:1861-8.
7. McCullough JL, Kelly KM. Prevention and treatment of skin aging. Ann N Y Acad Sci 2006;1067:323-31.
8. Rohde S. Rembrandt: Leven en werk van A-Z. Amsterdam: Museumvereniging en Bussum: Uitgeverij Thoth, 2006:92.
9. Malpas J. Realisme. Bussum: Uitgeverij Thoth, 2000:74.
Correspondentieadres
Marianne Crijns
E-mail: mb.crijns@nki.nl